| Over Wilde Dieren |
| De slang ratelt, |
| de leeuw geeuwt |
| en de mens maakt een boek. |
| Een wild boek |
| voor beschaafde mensen. |
| Een beschaafd boek |
| voor wilde mensen. |
| Een mooi boek |
| met wilde dieren |
| voor beschaafde mensen. |
| Een boek met mooie dieren |
| voor wilde mensen. |
| Over Rop |
| Hij is een man. |
| Hij is gefascineerd door de |
| mens, de menselijke conditie, en |
| de gevolgen hiervan. |
| Hij had eens een hond die een |
| stukje uit de bovenkant van zijn |
| oor beet. |
| Hij kijkt naar zichzelf en naar de |
| rest. |
| Hij is een spiegel. |
| Hij is gek. Wij zijn allemaal gek, |
| zei hij eens op een feestje. |
| Hij geeft geen antwoorden. |
| Hij stelt vragen. |
| Hij vormt, duwt en draait, zet zich |
| af, stapelt op en laat vloeien. |
| Hij presenteert werelden. |